De Britse onderwaterfotografe Linda Pitkin neemt voor Wild Wonders een duik in de Middellande zee op zoek naar de bruine tandbaars.
“We zijn in in de buurt van Bonifacio op zuid Corsica, en het waait. Ik word bijna van mijn sokken geblazen. Duiken zit er op deze eerste dag van mijn Wild Wonders missie niet in. Samen met mijn man en duikgenoot Brian ben ik op deze plek om de oversteek te maken naar de Lavezzi eilanden.
Hopelijk zal dat morgen wel lukken. Ik ben als onderwater fotograaf gebonden aan het aantal duiktochten dat ik tijdens mijn verblijf vanaf de boot kan maken.
De volgende ochtend ligt onze boot de Galiote in de haven te wachten, tot de woelige zee wat rustiger zal worden. ’s Middags kunnen we inderdaad vertrekken naar de Lavezzi eilanden en de eerste duik maken. Günther, de kapitein, gaat voor anker in een rustige baai. Volgens hem moet ik hier het dier van mijn missie, de bruine tandbaars, kunnen vinden. Ik heb al over de hele wereld gedoken maar nog nooit in de Middelllandse zee, het is een groot avontuur voor mij.
Als ik voor het eerst onderwater ben gegaan ben ik teleurgesteld. Niets te zien! Maar plotseling zie ik een bijna verstopte tandbaars en even later nog één! Ze zijn een beetje bang voor mij, maar dat verandert snel in nieuwsgierigheid. Het zijn flinke exemplaren, zo’n 60 centimeter groot. Ik gebruik mijn 10-17 zoomlens om ze vast te leggen. De eerste bruikbare platen zijn gemaakt, hoewel het water wel wat troebel is. Dat komt door de stevige wind die het bodemzand in beweging heeft gebracht.
Als de Galiote verhuist naar een volgende baai zwemmen de andere (toeristen) duikers mee. Fotograferende duikers zoals Brian en ik gedragen zich doorgaans anders dan gewone duikers. Wij blijven liever langer op één plek. Zeker als we ‘beet’ hebben. Het gevolg is dat wanneer wij eindelijk boven water komen de boot nergens te zien is. Uiteindelijk vindt kapitein Günther ons en haalt ons op. We overnachten aan boord van de Galiote.
De dag erna gaan we duiken bij Perduto, in de hoop barracuda’s te zien. We vinden ze op de verwachte plek! Een beschutte plek met veel minder stroming dan in het omringende water. Om er te komen moeten we ploeteren door een sterke stroming waarbij je jezelf moet vast houden aan de rotsen om niet meegesleurd te worden. Mijn handen zijn flink gehavend door de scherpe rotsen. Een andere fotograferende duiker heeft zijn toestel thuisgelaten vanwege de sterke stroming. Maar ik zet door!
De barracuda-school blijkt uit zo’n 50 tot 100 exemplaren te bestaan. Indrukwekkend! Ik probeer de schaarse tijd hier onder water zo goed mogelijk te benutten en blijf foto’s maken.
Als ik boven kom is de stroming zo sterk dat ik aanvankelijk niet op de boot kan komen. Uiteidelijk worden we met een kleine zodiac gered. Die middag lukt het vanwege de stroming helaas niet om de meest beroemde bruine tandbaarsplek, Merouville (wat letterlijk tandbaars-stad betekent) te bereiken. We bezoeken daarom dezelfde baai als gisteren en ik zie wederom twee buine tandbaarzen.
De dag erna kunnen we gaan duiken bij Merouville, maar er blijkt net een boot met 40 duikers te liggen. Daarom kiezen we een andere plek, waar je niet constant mensenbenen in je vizier hebt.
Als we ’s middags alsnog naar Merouville willen blijkt er weer te veel wind te zijn, helaas1. We kiezen dus maar voor een baai in de luwte waar je prachtige sponzen en zoantharia anemonen kunt vinden.
Een nieuwe dag. Aanvankelijk staat er zo’n sterke stroming dat duiken bij Merouville onmogelijk is. Wat een teleurstelling! Maar later proberen we het nog een keer. Er blijkt nog maar weinig stroming te zijn. Dus het lukt! De bruine tandbaarzen zijn geweldig! Ze begroeten kapitein Günther als een oude bekende en blijven de hele tijd bij ons. We duiken naar zo’n 30 meter diepte. Na een half uur moeten we helaas terug. Met nog twee dagen te gaan hoop ik op nog zo’n buitenkans.”